De afgelopen maanden loop ik regelmatig een dag mee met een collega om echt te begrijpen wat hun werk inhoudt. Onlangs deed ik dat met Maria Vrielink, leefondersteuner bij ZGR.
Maria werkt inmiddels negen jaar bij ons. De eerste acht jaar als huishoudelijke hulp en nu bijna een jaar als leefondersteuner. In die rol kan ze, naast huishoudelijke ondersteuning, ook ADL-handelingen verrichten en lichte medicatie aanreiken. Daardoor kan ze veel meer betekenen voor de mensen die zij bezoekt. Voor mij was de wereld van de leefondersteuner nog grotendeels onbekend, dus reden genoeg om haar uitnodiging om een dag mee te lopen graag aan te nemen.
Bijna 100 jaar
Onze eerste cliënt bezoeken we om acht uur ’s ochtends. Ze wordt volgende maand honderd. Dat maakt haar zichtbaar een beetje gespannen, want de burgemeester komt dan langs. Deze ochtend gaat rustig en in een bedachtzaam tempo. Maria helpt waar nodig, maar laat mevrouw vooral ook zelf doen wat nog lukt. “Dat is goed voor de spieren”, zegt ze. “Beweging is belangrijk.”
Mevrouw gaat sinds kort naar de dagbesteding en heeft daar veel plezier in. Vandaag is het extra leuk: er wordt carnaval gevierd. Ze kijkt er duidelijk naar uit. Terwijl Maria helpt met aankleden, mag ik het ontbijt klaarzetten. Als alles klaarstaat, zegt ze tevreden: “Zo kan ik wel oud worden.”
Verhalen uit een lang leven
Onze volgende cliënt is 91 jaar. Ze zit al aan de tafel; een kleinkind heeft haar geholpen. Ze vertelt dat ze zes jaar oud was toen de oorlog begon. In die periode liep ze een trauma op, waardoor ze ’s nachts niet alleen durft te zijn. Twee jaar geleden overleed haar man. Sindsdien blijft er iedere nacht een kleinkind bij haar slapen. “Zo lief”, zegt Maria zacht.
We helpen haar onder de douche en met aankleden. Ondertussen vertelt ze vrolijk over de dansavonden waar ze vroeger graag naartoe ging.
Even tijd maken
Na een korte tussenstop bij de eerste mevrouw om haar naar de dagbesteding te brengen gaan we door naar de derde cliënt. Ze is 81 jaar. We komen er voor koffie, maar vooral om er gewoon even te zijn. Een praatje maken, kijken hoe het gaat. Het gesprek gaat over verdriet, over het verlies van haar zoon, maar ook over mooie herinneringen en kleine dingen die nog steeds plezier geven.
Samen met collega’s
Halverwege de dag schuiven we aan bij het teamoverleg. Alle collega’s even bij elkaar. Praktische zaken bespreken, ervaringen delen, elkaar bijpraten. Het laat goed zien hoe belangrijk het team achter dit werk is.
Kleine stappen
Later op de middag bezoeken we een mevrouw die alleen woont, achteraf aan een landweg. Haar zoon woont nog een stukje verderop aan de doodlopende weg. Ze is al weken niet buiten geweest. Door medicatie viel ze regelmatig en hoewel ze daarmee is gestopt, is de onzekerheid gebleven.
Maria praat rustig met haar. Als het straks weer voorjaar wordt, gaan ze samen oefenen met kleine stukjes buiten lopen. Tijdens ons gesprek staat mevrouw ineens op achter haar rollator. Dat vindt ze belangrijk; blijven bewegen. Staand kijkt ze naar de Olympische Spelen op televisie. Sport kijken doet ze veel deze dagen. “Dat vind ik mooi”, zegt ze.
Carnaval
Aan het eind van de middag gaan weer terug naar onze eerste cliënt. We halen haar op om haar naar het carnavalsfeest te brengen. Ze heeft er duidelijk zin in: ze glimlacht en maakt onderweg grapjes.
In de zaal schuift ze meteen bij een tafel aan. Binnen een paar minuten zijn wij eigenlijk al niet meer nodig. Ze zingt mee met de liedjes en beweegt vrolijk op de muziek.
Hier neem ik afscheid van Maria. Zij blijft nog even wachten tot mevrouw weer terug wil naar haar appartement. Waarschijnlijk duurt dat nog wel even, maar dat vindt Maria helemaal niet erg.
Maria, nogmaals dank voor deze dag vol bijzondere ontmoetingen en goede gesprekken. Het was bijzonder om dit van zo dichtbij mee te mogen maken. En vooral ook verhelderend: leefondersteuners zijn oprecht onmisbare schakels in het mogelijk maken dat mensen langer thuis kunnen blijven wonen.

